Een open wandplank lijkt een van de eenvoudigste dingen in een interieur. In de praktijk bepaalt vooral de drager hoe rustig het geheel overkomt. Onder dezelfde plank kan een plompe stalen L-beugel hangen die het oog naar beneden trekt, of een constructie die nauwelijks opvalt. Het planblad verandert niet, het beeld wel.
Waarom de beugel het beeld verstoort
De klassieke plankdrager is een haakse metalen beugel. Die doet zijn werk goed en draagt veel gewicht, maar voegt een tweede vorm toe aan een plek waar eigenlijk maar een vorm hoort: de horizontale lijn van de plank. Zeker bij een korte plank met een paar boeken of een plant erop gaat die beugel visueel meewegen. Onder een plank in een smalle hal of boven een bureau is dat precies het detail dat een wand vol laat lijken.
De lus als draagconstructie
Een leren plankdrager werkt anders. Een strook stevig leer wordt met twee schroeven aan de wand bevestigd en vormt daarmee een lus. De plank schuift in die lus en blijft liggen door het eigen gewicht, zonder dat er een beugel onder of naast de plank zichtbaar is. Wat er overblijft is de plank en twee smalle banden leer tegen de wand. Bij Leren Goederen zijn die dragers er onder meer in zwart, wit, cognac en beige, en het planblad wordt niet meegeleverd, wat de keuze van de houtsoort en de dikte vrijlaat.
Wat het systeem aankan
Het draagprincipe stelt wel voorwaarden. Een leren lus is geschikt voor planken tot ongeveer 25 centimeter diep, en hoeveel er vervolgens op mag hangt af van wat er op komt te staan. Een rij kookboeken is een ander verhaal dan drie keramische potten. Hoe dieper de plank, hoe verder het gewicht van de wand af komt te liggen en hoe meer er aan de schroefverbinding trekt. Wie plant om er zware spullen op te zetten, zit beter bij een beugel die in het midden ondersteunt.
De wand telt mee
Bij dit type drager is het bevestigingspunt de enige schakel die kan bezwijken. In steen of beton met een deugdelijke plug is dat geen punt van aandacht. In gipsplaat wel: daar horen pluggen die achter de plaat openklappen, en het is verstandig om de dragers op een regel te plaatsen als die er is. Twee dragers per plank zijn het minimum, bij planken boven de tachtig centimeter breed is een derde in het midden een redelijke gewoonte.
Waar dit type plank tot zijn recht komt
De opstelling werkt het beste waar de plank eerder decoratief dan functioneel is. Een enkele plank in een slaapkamer, een reeks van drie in een werkkamer, een plankje naast een deur voor sleutels en post. In een voorraadkast of een garage komt de constructie niet tot zijn recht, daar wint draagvermogen van uiterlijk. Het onderscheid is bruikbaar bij de keuze: een plank die vooral iets moet tonen vraagt een onopvallende drager, een plank die vooral iets moet dragen vraagt staal.